|
Op een woensdagmorgen, op de parkeerplaats van ons onvolprezen winkelcentrum Veenstaete, reed een auto doelbewust op mij af. Niet hard, maar hard genoeg om mij voor te bereiden op een ontwijkende sprong. Toen herkende ik de chauffeur, een 55plusser in trainingspak, zijn racket lag op de achterbank. Op het laatste moment draaide hij de auto langs mij heen, remde en het zijraam zoefde elektrisch naar beneden. ‘Goede morgen Fred’, klonk het vanuit de auto, ‘hoe gaat het’? ‘Nu wel weer goed, maar toen je zo op mij af kwam rijden kreeg ik het wel even benauwd’, hakkelde ik. Mijn opmerking kwam niet aan, want zonder overgang ging hij verder: ‘Ik lees je stukkies elke week, maar ik ben het niet altijd met je eens hoor!’
Opluchting ging er door mij heen terwijl het gebabbel nog even verder ging. Tegelijkertijd dacht ik, dat die opluchting twee oorzaken had. Ten eerste omdat ik niet omver gereden was en ten tweede omdat ik het fijn vond te horen dat niet iedereen het altijd met mij eens is. Dat zou niet goed zijn. Een beetje eigenwijs ben ik wel, maar zo eigenwijs ook weer niet. Ik geef een mening, mijn mening en dat hoeft niet de mening van een ander te zijn natuurlijk. En met weer nieuwe informatie stel ik mijn mening dan ook regelmatig bij, voortschrijdend inzicht heet dat. Misschien beïnvloed ik anderen bij hun meningsvorming. Zo niet, jammer dan. Ik wil het ook nog even met u over politiek hebben, een onderwerp waarbij het wel zeker is dat er van mening wordt verschilt.
Ik denk namelijk dat het vertrouwen in de politiek met rasse schreden aan het verdwijnen is. Het politieke volkje maakt het daar naar. Het ergste is, dat ze het waarschijnlijk zelf weten, maar niet van plan zijn er iets aan te doen. Een voorbeeld. Woensdag 5 december was er in het Provinciehuis een vergadering van de statencommissie Cultuur. Het ging over het Huus van de Taol. Daar had gedeputeerde Weggemans een zak met geld voor klaar staan, maar Munniksma, zijn opvolger na de verkiezingen, trok deze toezegging weer in. De statenleden die ook de vorige periode meemaakten, repten met geen woord over deze onbehoorlijke wijze van besturen.
Een ander voorbeeld is, hoe politiek Den Haag omging met de Zuiderzeelijn, dat is schandalig! Of: hoe de raad van Midden-Drenthe het college van onze gemeente moet pressen om gerechtelijke stappen tegen GGZ te ondernemen is teleurstellend. Sterk of zwak staan bij de rechter, is hierbij niet van belang, wij kiezers vragen om een signaal, waaruit blijkt dat B&W niet onder één hoedje speelt met GGZ, want nu ga ik dat wel denken. In de politiek worden andere afwegingen gemaakt dan in het gewone leven, hoor ik wel eens zeggen. Maar daar doet ‘afspraak is afspraak’ toch niets aan af?
Misschien hoor ik nog of mijn ‘aanrander’ het wel of niet met mij eens is.
Fred Fontijn
|
|